Dit artikel van mijn hand verscheen eerder in Ab Aerterno, Journal of the Academy of Social & Political Research, 1st quarter 2011 (zie deze website onder ‘publicaties’) en in ‘Tijdschrift voor Economisch Onderwijs’, febr. 2012.
Micro-financiering, ook in sharia stijl, biedt geen uitweg. A) Het begon zo edelmoedig, toen Dr. Muhammad Yunus alles wat hij op de school voor economie in Bangla Desh had geleerd op zijn kop zette door zo’n 30 dorpsvrouwen zonder noemenswaardige financiering aan te zetten tot het maken van voorraadlijsten, geld verdienen en terugbetaling van die pieterpeuterige leningen. De hele financiële wereld te kijk gezet!
Hij kreeg in 2006 de Nobel vredesprijs en werd bekend als de vader van de microfinanciering, omdat hij grondig geloof hechtte aan menselijk potentieel boven materiële bijkomendheden.
Inmiddels zijn echter enige nadelen van microfinanciering in het algemeen en van de sharia pendant ervan in het bijzonder aan het licht getreden:

Enige algemene nadelen:

1. Het bereikt de allerarmsten niet. Hun ontbreekt het aan vaardigheden en toegang tot kapitaal, conditiones-sine-qua-non om rijkdom te genereren. De ‘ondernemers’ die helden zijn geworden in de economisch ontwikkelde wereld zijn doorgaans zieners, die nieuwe ideeën hebben vertaald naar ondernemingsplannen. Hoewel sommige microkredietafnemers wel visionaire zaken voortbrachten, blijft de meerderheid ervan gevangen in activiteiten net voldoende om van rond te komen. Ze missen veelal specialismen en moeten dus concurreren met andere zelfstandige armoedzaaiers in de enige handel die beginners toegang biedt. De meesten hebben niemand in dienst, hebben weinig eigendommen, gaan aan de slag op een veel te kleine schaal dan dat doelmatig kan worden gehandeld en verdienen dus bijna niets. Rentepercentages van 20% tot 30% mogen hoog lijken, maar zo zijn ook de kosten van afbetaling en dienstverlening van de leningen in verafgelegen dorpen. Die kosten zijn in ieder geval veel te hoog, dan dat de allerarmsten op hun investering meer kunnen verdienen dan de door hun te betalen rentepercentages. Bijgevolg eindigen de meeste ontvangers van microfinanciering weer als werknemers van de niet al te arme lieden, die in hun plaats het microkrediet gaan ontvangen en wel geld kunnen verdienen met behulp van hun kapitaalgoederen, zoals werktuigen. 1) Feit is, dat de meeste ontvangers van microkrediet geen ‘micro-ondernemers’ zijn uit vrije wil. Ze zouden veel liever een fabrieksjob tegen een redelijk salaris aannemen als die beschikbaar zou zijn. We moeten dus niet al te romantisch doen over ‘de armen als ondernemers’. 2) De Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) gebruikt een veel toepasselijker naam voor deze mensen: ‘Arbeiders voor eigen rekening’. Kansen realiseren op duurzame arbeidsplaatsen tegen redelijk loon is nog altijd het beste remedium tegen armoede. ‘ Niets is fundamenteler in armoedebestrijding dan banen scheppen.’ zegt de ILO.

2. Microfinancieringsprojecten lopen niet goed in landen zonder onafhankelijke rechtspleging, met name zonder voldoende bescherming van eigendomsrechten tegen overheidsingrijpen, zonder voldoende gezondheidszorg en overheidsbemoeienis met het milieu, infrastructuur, drinkwater en riolering. Als er te veel geld uit locale gemeenschapsinstellingen wordt besteed aan winstgevende microfinancieringsprojecten voor de lucratieve niet zo arme middenstand , is er veel minder geld beschikbaar voor de locale politici om aan te wenden voor overheidstaken en infrastructuur. 3)

3. Microfinancieringsprojecten kunnen niet verhinderen, dat arme mensen een pyramidale schuldenlast opbouwen, waarvolgens zij hun betalingsverplichtingen aan de microfinancier betalen met leningen van woekeraars tegen veel hogere rentes, of nog erger tegen verplichtingen in natura, zoals het afgeven van vee. De meeste armen hebben geen idee van boekhouding. De ontvanger van microkrediet zwijgt van meet af aan over zijn verplichtingen elders, aan de woekeraars. Volgens Mary Ellen Iskenderian van ‘Women’s World Banking’, een microfinancieringsnetwerk, wordt oververschulding een nijpend probleem , ingegeven door de wildgroei in een sector zonder formele kredietinstellingen. Veelal zal de ondernemer worden gedwongen door de woekeraars, die zich soms als officiële microfinanciers voordoen, om van zoveel mogelijk microfinancieringsinstellingen te lenen om zodoende zijn schuldpyramide te kwijten middels een helse keten van lening en afbetaling aan het eind waarvan de woekeraar de koe, dat is de onderenemer zullen uitmelken.

4. Microfinancieringsinstellingen hebben de neiging bekende merken te promoten, zoals Unilever/Nestlé, Coca-Cola, McDonald’s en vegen daarmee lokaal geproduceerde produkten van de markt. Zelf heb ik op de Filippijnen gezien hoe de Amerikaanse cola-imperia de markt veroverden met koelkasten, waarin alleen hun produkt mocht staan en niet de overheerlijke locaal geproduceerde vruchtensappen. Zo wordt een unicultureel oppervlakkig en eentonig ‘weredldorp’ geschapen. Het is een teken aan de wand, dat princes Maxima zich zo beijvert voor deze aanpak, gelet op de nauwe banden van het koninklijk huis met de Bildelberg groep.

5. Aangezien een geldstroom gemakkelijk door een ander kan worden vervangen en in potentie anoniem is, is geld afzonderen voor bijvoorbeeld investeringen in overeenstemming met sharia of milieuvereisten ethisch nogal schijnheilig of op zijn mist kortzichtig:
Het betekent immers, dat geld wat goedkoop is verkregen door deze bijzondere beweerdelijk morele aanmoedigingen betrekkelijk duur verkregen geld zal vervangen, wat alsdan voor niet zo idealistische doeleinden ‘vuil’ kan worden aangewend. Zo wordt ontwikkelingsgeld dat bij uitsluiting en alleen bestemd is voor woningbouw en onderwijs vaak gebruikt om de locale of nationale fondsen voor die doeleinden te vervangen, welke alsdan aan bewapeing kunnen worden besteed. Het komt dus neer op substitutie en een verandering van toedeling van het gesubstitueerde fonds.

6. Wat begon als een ideaal om mensen uit de armoede te helpen opstaan door ze het noodzakelijke krediet te verschaffen wat ze via de gebruikelijke weg niet konden krijgen riskeert nu uit te lopen op iets waar de verkeerde krachten hun voordeel mee doen, omdat er bij microfinanciering wereldwijd geen inzicht in de algehele situatie van de aanvragers wordt vereist. Net zoals in de USA hypotheken werden verschaft aan iedereen die maar een bank binnen liep, omdat er de hand werd gelicht met strenge verificatie en documentatie van de financiele positie van de aanvrager, zo schreeuwt nu ook de situatie bij microfinanciering om de noodzaak een veel beter inzicht te verkrijgen in de algehele situatie van de aanvrager. 4)
Dus net zoals de goedkope hypotheken in de USA, die werden verschaft aan nauwelijks op hun mogelijkheden tot terugbetaling gecontrôleerde aanvragers, zulks op aandringen van de overheid om zodoende voor de armen de financiering van woonruimte mogelijk te maken, waardoor een enorme luchtballon in de financiering ontstond, zo zal ook een enorme inflatie met name van de voedselprijzen en prijzen van andere basisbehoeften het gevolg kunnen worden van deze ongecontrôleerde geldinjecties, dus zeer ten nadele van de allerarmsten.5)

In het algemeen kan worden gesteld, zoals Michael Miller van the Acton Insitute 6) doet:
Microfinanciering kan wel een rol spelen in ontwikkeling, maar is geen wondermiddel tegen armoede en de manier waarop het nu wordt toegepast kan ernstige onbedoelde gevolgen met zich brengen die de ontwikkeling eigenlijk belemmeren. Als het al slaagt, dan moet het mensen ertoe brengen niet te lenen en niet afhankelijk te worden van gezamenlijke op groepsleningen gestoelde projecten en zeker niet van een nuloptie (zero-sum)-mentaliteit, die ontwikkeling alleen maar in de weg staat. Microfinanciering kan wel als eerste stap dienen maar macrofinanciering is ook nodig om armoede in tijd en ruimte ruimschoots te bestrijden.
Daar hoort een aantrekkelijk investeringsklimaat bij met goede eigendomsbescherming en een een rechtsorde, die beide op den duur veel belangrijker zijn. Microfinanciering is een soort gaten dichten: De ontwikkeling ervan zal pas op gang komen als die niet meer nodig is. Toegegeven: Miller’s kritiek is niet gebaseerd op wetenschappelijke gegevens, maar geeft wel te denken:

• Microfinacieringsinstellingen moeten aanzetten tot sparen en tot een veel kleinere schuldenlast
• Microfinaciering is veel te groepsgericht en te afhankelijk van groepsleningen. De respons van een individuele lener tot de schuld van (een van) de overige leners uit zijn groep in het collectieve microfinacieringsproject is vrijwel inelastisch, want hij moet natuurlijk eerst zijn eigen dagelijkse kost betalen. Deze allerarmste mensen hebben veelal een preciese hoeveelheid geld op vastgezette tijden nodig en kunnen niet reageren op de schommelingen in hun spaarmogelijkheden. Ze verliezen waarschijnlijk vooral geld door fraude of mismanagement van de informele spaararrangementen, veel meer dan degenen die spaardeposito’s aanhouden bij reguliere banken.
• Microfinaciering moet gelijk op gaan met macro-ontwikkeling om gestage groei te bereiken. Infrastructuur, gezondheidszorg, onderwijs. Verder, de zakenwereld, de non-profitsector en de overheiden moeten erkennen dat arme mensen een fundamenteel ander sociaal, psychologisch, en fysiek Umfeld hebben en geconfronteerd worden met een heel andere economische werkelijkheid dan hun rijkere tegenspelers.

7. Microfinanciering leidt over het algemeen de belangstelling van de massa’s af van de alomtegenwoordige onderdrukkingsmechanismen van de (inter-)nationale financiële instellingen. Na de enorme financiële crisis van 2008-2009 in de USA, die door sommigen nauwelijks werd overleefd, werden toch nog wel bonussen uitbetaald ter waarde van US$ 143 miljard aan juist de bankiers die deze crisis hebben veroorzaakt. Microfinanciering is zo vooral het zand in de ogen van potentieel revolutionaire krachten, die het banksysteem als zodanig zouden kunnen bestrijden. Het gaat hier om een wereldwijd verspreide criminele maar formeel niet als zodanig aangeklaagde organisatie: Lees de nationale bankwetten en je weet het.

Speciale nadelen eigen aan sharia microfinanciering.

Hieronder wordt alleen gewag gemaakt van Mudaraba, niet van Takaful ( wederzijdse samenwerking) en Musharakah (joint venture).8)

1. Islam, zoals uitgelegd in de sharia, is niet alleen een geloof, maar ook een ideologie, in ieder geval een allesomvattend maatschappijconcept. De ‘Ummah’ is een uitsluitend begrip en staat vijandig tegenover iedereen die er geen deel van wil of kan uitmaken. Bijgevolg sluiten de moslim financiële concepten elke niet-moslim uit van deelneming. Daar komt dan nog bij, dat volgens de gangbare moslim orthodoxie er een felle patriarchale oppositie bestaat tegen deelneming door vrouwen aan bepaalde microfinancieringsprojecten. 9)
Devote moslims beschouwen met de sharia verenigbare investeringen niet schadelijk voor de samenleving als geheel. Maar moslim waarden zijn niet universeel, net zo min als andere waardenstelsels. Als voorbeeld moge dienen de thans wetenschappelijk vastgestelde extra leedtoevoeging aan met name runderen door onverdoofde rituele slachtrituelen en –praktijken.10) Zo zullen moslim microfinancieringsinstellingen niet alleen economische maar alomvattende sharia voorwaarden doen gelden bij elke gefinancierde activiteit en zo wordt hun microfinanciering een promotiemiddel van de sharia en een middel om mensen te islamiseren, althans zich aan de islam te onderschikken. Dit verschijnsel heet ‘dhimmitude’. Een voorbeeld ervan is het feit, dat in de Europese Unie thans de meeste multinationals en in Nederland de hele zuivelindustrie onder druk van de moslimorganisaties ‘halal’ producten aan het algemeen publiek aanbiedt zonder het ervan in kennis te stellen. Nederlandse kaas wordt thans ingepakt in stremsel, dat veelal afkomstig mag zijn van niet verdoofd geslachte kalveren!
Wereldwijd zijn moslim en ook christelijke authoriteiten niet bekend door hun beijvering voor geboortebeperking en aldus zijn zij de drijvende kracht achter de bevolkingsexplosies in de derde wereld. Armoede mag dan wel het ernstigste milieuprobleem heten, maar de bevolkingsbom die in de derde wereld maar doortikt en ook de vruchtbaarheidscijfers van de van daar gekomen immigranten in Europa zijn de belangrijkste oorzaak, niet het gevolg van dier armoede. Dit feit, dat door de geestelijke leiders tot taboe is verklaard is de nagel aan de doodkist van de Europese beschaving en zijn beweerdelijke mensenrechten. De vervanging van ‘turbo-capitalisme’ door mega-islamisering is geen optie voor de verdedigers van de Europese waarden, die onder vuur liggen van de demografische veroveringsstategie, inhaerent aan de islam, opzichzelf een vorm van globalisering.

2. Moslim microfinanciering lost helemaal het probleem niet op van te weten wie nu moet gaan beslissen op grond van welke objectieve (d.w.z. niet- cultureel-religieuze) criteria
toegang tot krediet aan wie wordt verleend. In feite stelt de met sharia verenigbare microfinanciering zogenaamde moslim investeerders in staat hun niet met sharia verenigbare projecten met niet moslim financiële instellingen te handhaven, die zij met hun niet-ethische zeer lucratieve projecten heimelijk overlaadden, terwijl zij als afleidingsmanoeuvre hun ethische projecten onderbrengen bij moslim (micro-)financiële instellingen. Dit heet ‘Taqiyya’, taktisch verbergen van bedoelingen. Het is de uiting van de houding: ‘Wat maakt het uit, zij (Kafir) behoren niet tot ons (Ummah)’

3. Door de wijdverbreide corruptie in moslim landen, ondanks het geloof en de waarden van devote moslims, blijken deze ‘vuile’ geldleningverstrekkers vaak nu juist degenen te zijn, die zich innestelen in of associëren met nationale financiële instellingen, welke op hun beurt investeren in non-sharia Europese banken, warenhuizen of andere zeker niet met sharia verenigbare zakelijke avonturen, ver uit het zicht van de locale ‘ondernemer’ door middel van ‘asymetrische informatie’. Hoe gewetenloos deze lieden kunnen zijn bleek wel uit een recent artikel in The Economist, waarblijkens politici van Andhra Pradesh, deze verstrekkers van microkrediet verantwoordleijk hielden voor de zelfmoord door 57 mensen. 11)
Vikram Akula, de stichter van ‘SKS microfinance’ bij wie 17 van deze vrouwen hadden geleend, sputterde nog weinig overtuigend tegen, dat zij geen uitstaande schulden hadden en dus niet door SKS tot hun daad waren aangezet.

4. Van moslim zijde wordt nog een ander finanieringsmodel aangereikt, waarvan zij de originaliteit opeisen: Mudaraba, wat wij in Nederland kennen als een rechtspersoon met ‘een stille vennoot’, die werkkapitaal verschaft, maar niet mee-‘managet’ met de inbrenger van werk en ideeën. Maar dese rechtspersoon garandeert helemaal geen beveiliging tegen uitbuiting: Bij het vaststellen van de toedeling van de winstmarge aan de vennoten, het vaststellen van de te verdelen som, de zakelijke en –exploitatiekosten en salarissen, kan wel degelijk een ongerechtvaardigd ongelijke verdeling van de lasten en lusten ontstaan in een ‘unequal playing field’. Bovendien kan van het feit, dat zulk een contract op elk moment kan worden beëindigd , ook een zeer onderdrukkende werking uitgaan, als een soort zwaard van Damocles. Eerlijke mensen zullen er geen misbruik van maken, maar een jurische vorm is pas functioneel als deze malversaties uitsluit.

Conclusie:

Microfinanciering is niet per se schadelijk voor de samenleving, maar wel zolang het in handen is van het internationaal verknoopte systeem van gevestigde financiële instellingen.
Zowel sharia als liberaal-democratische tot stand gekomen wetten voorzien niet in universeel aanvaardbare zedelijke maatstaven en deze rechtstelsels voorzien evenmin an sich in voldoende bescherming tegen misbruik door de gevestigde orde en middenklassen van gelden, die beweerdelijk opzij gezet zijn voor de verbetering van de economische positie van de allerarmsten. De Romeinen schreven het al: Multae Leges, Mali Mores’ (Als er veel wetten zijn, dan zal het met het moreel besef wel slecht gesteld zijn). Men kan dus maar beter streng reguleren en contrôleren dan afgaan op de vermeende moraal van de mensen of dier toewijding aan een Opperwezen.
Dezelfde les die Europa hopelijk op 9/10 december 2011 trok zal ook moeten gelden voor de microfinanciers, van welk (religieus) pluimage dan ook.

A) Dit artikel is een vertaling en bewerking door de auteur van ‘Another Look at Mudaraba’,
Drs. A. Vierling, In Ab Aeterno, Journal of the Academy of Social & Political Research,
1st quart. 2011, Issue o 6, ISSN 1179-4321 als reactie op ‘Islamic Business Contracts and
Microfinance: A Case of Mudaraba’, Azhar Nadeem, AA Journal Issue 5, 2010.

1. Aneel Karnani, ‘Micro finance Misses the Mark’, 2 Juni 2007,
http://www.ssireview.org/articles/entry/microfinance_misses_its_mark/
2. Aneel Karnani, ‘Romanticing the poor’, 3 jan 2009
3. ‘Micro-finance in India’, The Economist 4 nov 2010
4. Christopher Cuellar, http://risingpyramid.org/2010/11/08/mainstream-microfinance-heed- the-warning-signs/
5. Bryan Farris, http://risingpyramid.org/2010/02/11/microfinance-bubble-may-be-bursting-lets-hope-not/
6. http://compassioninpolitics.wordpress.com/2009/04/06/problems-of-micro-lending
7.http://cgap.org
8. Mahmoud El-Gamal, Rice Un. http://www.ruf.rice.edu/-elgamal
http://elgamal.blogspot.com/atom.xml
9. Isabelle Guerin, ‘Poor Women and their Money: between Daily Survival, Private Life, Family Obligations and Social Norms’ http://www.rume-rural-microfinance.org/IMG/pdf_WP_200803.pdf

Amimur Rahman Boulder, ‘Women and Microcredit in Rural Bangladesh. An Anthropological Study of Grameen Bank Lending’. CO: Westview Press 1999, xi, 188 pp.

10. http://www.partijvoordedieren.nl/recentr/emailacties/i/4 (in cauda)
11. http://www.economist.com/node/17420202

Advertisements